Over het eten van mieren en leren in de context



 
 
Ik was druk bezig met het voorbereiden van een kickoff voor 2 bijeenkomsten met docentenontwikkelteams voor een ROC over de vraag: hoe kun je beroepsonderwijs ontwikkelen echt startend vanuit vraagstukken en kenmerkende praktijksituaties uit het werk? Altijd weer lastig, hoe maak je het verhalend zonder voorschrijvend te zijn?
Gelukkig zag ik een week voor DE dag de filmdocumentaire “Ants on a Shrimp”. Over de koks van restaurant NOMA die de uitdaging aangaan om in Tokio in 40 dagen een 14-gangen menu samen te stellen voor 3000 bezoekers. Hier de trailer van de film, het is een aanrader.
De film bleek een fantastisch voorbeeld van wat er gebeurt als je in een volstrekt nieuwe context met nieuwe ingrediënten aan de slag moet met je competenties. Is dat niet een mooie metafoor voor het ontwerpen van beroepsonderwijs vanuit kenmerkende werksituaties? Voor mij sprongen er 4 belangrijke lessen uit die ik graag deel.
 
1. Verken je nieuwe omgeving
Het NOMA team nam de tijd om in Japan rond te reizen, mensen te ontmoeten, de natuur in te gaan en van alles te proeven, ruiken en te kijken. En te onderzoeken: wat zijn specialisten op culinair gebied en wat moeten wij dus niet proberen na te doen?
Naar het onderwijsontwerp toe: nemen en krijgen ontwikkelaars ook de tijd om op ontdekkingsreis te gaan door de organisaties waar de studenten later komen te werken? En hoe zit het met het onderzoeken van wensen van cliënten? Zo kun je komen tot kenmerkende praktijksituaties en professionele dilemma’s waar je voor studenten mooie leersituaties van kunt maken. Liefst samen met de werkpraktijk.
 
2. Gebruik geen werkwijzen en ingrediënten die horen bij een andere, vertrouwde context
De eerste versie van het 14-gangen menu werd door de chef kok bijna volledig afgekeurd: het was bijna een kopie van de menu’s zoals NOMA deze in Kopenhagen serveert. Maar dan met niet passende Japanse ingrediënten voor een publiek met een andere smaak dan de Denen….. Slik…. Er was te weinig geleerd van de verkenning. De mieren, het Japanse gras en andere meegenomen zaken waren niet gebruikt.
Naar het onderwijsontwerp toe: als je uitgaat van kenmerkende praktijksituaties en daaromheen het leren organiseert kom je vaak niet meer uit met de opdrachten uit BPV-gidsen of lesboeken. Wat vraagt dat aan ontwikkeling van en ter beschikking stellen van ondersteunend materiaal? En het moment waarop dit aangeboden wordt?
 
3. Experimenteer en leer
De koks van NOMA hebben zichzelf allemaal de opdracht gegeven om naast het werk te experimenteren met nieuwe ingrediënten en/of werkwijzen. En elke week nemen ze een moment om de uitkomsten met elkaar te proeven en te zoeken naar verbeteringen. Niets is te gek en alles wordt geproefd. Zo is er 1 collega die al weken experimenteert met het bereiden van vissensperma…..
Naar het onderwijsontwerp toe: in hoeverre geven ontwikkelaars zichzelf en elkaar ook de ruimte om te mogen experimenteren met andere, misschien ongewone, vormen van leren in en om de praktijk? En wellicht ook met andere betrokkenen als ervaringsdeskundigen, andere opleidingen?
 
4. Deel kennis en denk mee
In het NOMA restaurant gebruikten de koks een tegeltjesmuur om op te schrijven wat er gedaan en geleerd werd. De muur is voor iedereen toegankelijk en het biedt de mogelijkheid om elkaar aan te vullen of gebruik te maken van al opgedane inzichten.
Naar het onderwijsontwerp toe: is er ook een (online) plek waar de experimenten ook gedeeld worden met elkaar? Waar je vragen kunt stellen, materiaal en ervaringen kunt voorleggen en met elkaar kunt meedenken?
 
Herkenbaar?
 
 
 
 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Geen HTML toegestaan.
  • E-mail- en internetadressen worden automatisch aanklikbaar.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.